Hebreeuws leren | Les 4: De Masoreten zetten de puntjes op de i

Het Hebreeuwse alfabet, inclusief bijbehorende plaatjes. Beeld: Soul Guidance
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone
Print Friendly, PDF & Email

Na de opstanden van de Joden tegen de Romeinse overheersers in de jaren 70 en 135 dreigde het Hebreeuws in onbruik te raken en een dode taal te worden. Men voelde de noodzaak de tekst van de heilige boeken vast te leggen, om deze voor vergetelheid te behoeden.

Eeuwenlang was dit het werk van Joodse geleerden, die Masoreten werden genoemd. Die naam komt van het Hebreeuwse masora (מסורה), dat ‘overlevering’ betekent. Omstreeks het jaar 100 werd de medeklinker-tekst met behulp van oude handschriften vastgesteld. Enkele eeuwen later werd de uitspraak van de klinkers vastgelegd met behulp van puntjes en streepjes onder, boven en in de letters. De letters zelf van de heilige boeken moesten ongewijzigd blijven.

Aramees

Twee groepen Joodse geleerden hebben dit werk uitgevoerd, in Babylon en in Palestina. Het huidige systeem is in de negende of tiende eeuw vastgelegd in Tiberias, toen het Hebreeuws al lang een dode taal was, met invloeden van het Aramees. Er kan dus enig verschil in uitspraak zijn tussen het oorspronkelijke Hebreeuws en de tekst van de Masoreten (of Massoreten). In de eeuwenlange ballingschap van het Joodse volk zijn er ook wat ‘dialecten’ ontstaan: de Ashkenszische Joden (in Duitsland en Oost-Europa) spraken een aantal letters anders uit dan de Sefardische Joden (in Spanje en Portugal). De Masoretische punctuatie bestaat uit:

• klinkertekens, tekens voor de klinkers a, e, i, o en oe; het zijn er echter (veel) meer dan vijf ten gevolge van de grammaticale eigenschappen;

• voordrachttekens, tekens die dienen om de juiste voordracht aan te geven en die daarmee ook de functie van leesteken hebben; bijvoorbeeld worden zeer veel Bijbelverzen door een van deze tekens in twee delen verdeeld. Die gaan we niet leren.

Het Hebreeuws kent klinkertekens voor lange klanken, korte klanken en heel korte klanken. Ik gebruik hier bij de klinkertekens de letter samech (ס) als willekeurige medeklinker. In het Hebreeuws worden klinkers aanmerkelijk korter uitgesproken dan in het Nederlands. Een klinker wordt uitgesproken na de letter waar hij bij staat, behalve de lange en korte a; deze worden aan het einde van een woord uitgesproken vóór de letters ה ח ע. Bijvoorbeeld Noach נ.

hebreeuws

hebreeuws 2

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Dagesh, een punt in een letter

In veel Hebreeuwse letters zie je een punt staan. Die kan de volgende betekenissen hebben:

• Dagesh lene: de harde uitspraak gebruiken, dus פ ,כ ,ב klinken als b, k, p in plaats van v, ch en f. Zie les 01. Bij de letters ג ,ת en ד bestond in lang vervlogen tijden ook verschil tussen een harde en een zachte vorm, maar dat verschil bestaat nu niet meer.

• Dagesh forte: midden in een woord geeft de dagesh de verdubbeling van een letter aan; de letters פ ,כ ,ב worden alleen verdubbeld (en tevens verhard) als er een klank (dus geen shewa) aan voorafgaat.

• Een dagesh, geplaatst in de laatste letter van een woord, geeft aan dat deze letter geen ‘leesmoeder’ is maar wel dient te worden uitgesproken.

Een koppelstreepje tussen twee Hebreeuwse woorden is hoog geplaatst: ן־אדם ס רב. Een teken < boven een lettergreep betekent, dat de klemtoon niet alleen op de laatste lettergreep valt, maar ook een beetje op die lettergreep.

hebreeuws 3

 

 

 

 

 

Bronnen: Leerboek der Hebreeuwsch taal, rabbijn S.Ph de Vries; Teach Yourself Biblical Hebrew, prof.R.K. Harrison; nl.wikipedia.org.

Leer de Hebreeuwse taal op MessiaNieuws.nl! Elke zondag weer een nieuwe les

Facebookreacties
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

About the Author

MessiaNieuws
MessiaNieuws is een online platform met actualiteiten op joods-christelijk gebied.

1 Comment on "Hebreeuws leren | Les 4: De Masoreten zetten de puntjes op de i"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*