Hebreeuws leren | Les 5: Hebreeuwse spelling en klankwetten

Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone
Print Friendly, PDF & Email

Om te beginnen, eerst de antwoorden uit les 4:

Hebreeuwse spelling, כְּתִיב עִבְרִי ketiev ivri, beschrijft de manier waarop in de Hebreeuwse taal woorden worden gespeld. We hebben gezien, dat het Hebreeuwse alfabet uit 22 medeklinkers bestaat, waarvan er vier – alef, he, waw en yod – worden gebruikt als zogeheten matres lectionis, leesmoeders, om klinkers aan te geven.
In de geschiedenis van het Hebreeuws zijn er twee belangrijke systemen van Hebreeuwse spelling geweest: gevocaliseerde en ongevocaliseerde spelling.

De traditionele Hebreeuwse spellling, gebruikt in de Tenach (het Oude Testament) en de oude rabbijnse literatuur, is de כְּתִיב חָסֵר ketiev cháser, ‘ontbrekende spelling’, zonder gebruik van de letters א, ה, ו, י als ‘leesmoeders’ voor klinkers, en zonder klinkertekens.

Bij gevocaliseerde spelling, [ְּכְּתִיב מְנוּקָּד [מְנֻקָּד ketiev menoeqqád, worden alle klinkers aangegeven met klinkertekens, נִקּוּד, נִיקּוּד niqqoed, zoals bedacht door de Masoreten.

Bij ongevocaliseerde spelling, כְּתִיב מָלֵא ketiev mále, de moderne ‘plene’ spelling (de Latijnse benaming), die in het huidige Israël gebruikelijk is, worden alle klinkertekens weggelaten (behalve wanneer hierdoor twijfel ontstaat), en worden zo veel mogelijk de letters א , ה , ו , י gebruikt als ‘leesmoeders’ voor klinkers. Dat houdt in, dat bij veel woorden een yod of waw wordt ingevoegd, en er twee spellingen voor die woorden bestaan. In deze lessen worden die gewoonlijk beide vermeld.
Om bij dit systeem onderscheid te maken tussen gebruik als medeklinker en gebruik als leesmoeder, worden de waw en de yod veelal verdubbeld wanneer ze als medeklinker worden gebruikt. En onder welke waw of yod komt een eventueel klinkerteken? Daarover verschillen de woordenboeken van mening.

Een gevocaliseerde plene spelling wordt toegepast in kinderboeken (en in deze lessen dus), om de kinderen te wennen aan de gebruikelijke ‘plene’ spelling, terwijl ze gebruik kunnen maken van de klinkertekens bij het leren van de woorden. Ook bij poëzie, taalonderwijs voor nieuwko­mers, en dubbelzinnige of buitenlandse termen wordt het toegepast. Het is echter zeer omslachtig en lastig in het dagelijks leven. Men kan kinderen wel horen zeggen: “Hij leest al zonder puntjes.”

 

Dit is geen les om te bestuderen, maar een naslag om dingen nog even op te zoeken.

Klemtoon

De klemtoon ligt in het Hebreeuws gewoonlijk op de laatste lettergreep van een woord. Een afwijking hiervan kan in het Hebreeuws worden aangeduid met een pijltje < boven de betreffende lettergreep. In deze cursus wordt een afwijkende klemtoon aangegeven door de benadrukte lettergreep te onderstrepen.

Open en gesloten lettergrepen

Een open lettergreep eindigt met een klinker, een gesloten lettergreep eindigt met een medeklinker, en een dubbel gesloten lettergreep eindigt met twee medeklinkers.
‘Lopen’ bevat dus een open en een gesloten lettergreep, ‘kast’ is een dubbel gesloten lettergreep.

Dagesh, een punt in een letter

Een stip (dagesh) in een letter verdubbelt (en verhard) deze, waardoor de voorgaande lettergreep gesloten is.
De keelmedeklinkers ע, ח, ה, א en de ר, en letters aan het eind van een woord, kunnen niet worden verdubbeld.
De letters פ, כ, ב krijgen een dagesh en worden verhard tot B, K en P:
– aan het begin van een woord (behalve bij enkele vreemde woorden),
– gewoonlijk na een medeklinker (met shewa),
– bij een dubbele medeklinker.
De letters פ, כ, ב krijgen geen dagesh en behouden hun zachte uitspraak V, Ch en F:
– aan het eind van een woord,
– voor een klinker of een uitgesproken shewa.

Er bestaat een nauwe relatie tussen de klemtoon, open of gesloten lettergrepen, en de lengte van de klinkers.
Een open lettergreep krijgt gewoonlijk een lange klinker, maar benadrukt kan hij ook een korte klinker krijgen. Voorbeeld: שָׁמֲיִם shámayiem, hemel(en). De eerste lettergreep is open en krijgt een lange klinker, de tweede lettergreep is ook open maar benadrukt, en krijgt een korte klinker.
Een gesloten lettergreep zonder klemtoon krijgt gewoonlijk een korte klinker, maar wanneer hij de klemtoon krijgt, kan hij een lange klinker krijgen.
Een eenlettergrepig woord met klemtoon krijgt een korte klinker.

Klinkerwetten

1. De shewa of shwa סְ wordt volgens de traditionele grammatica uitgesproken als korte E-klank:
– aan het begin van een woord, b.v. דְרָכִים deráchiem, wegen; in de praktijk wordt hij vaak niet uitgesproken
– na een dubbele medeklinker, b.v. מְדַבְּרִים medaberiem; in de praktijk echter medabriem
– na een open lettergreep, b.v. צָרְפַת tsárefat Frankrijk; maar in de praktijk hoor je tsárfat
– na een niet-uitgesproken shewa: יִכְתְּבוּ yichtevoe
In deze lessen wordt de uitgesproken shewa weergegeven door een hoge e of een ‘

2. De shewa wordt niet uitgesproken:
– aan het einde van een woord: הׅלֵךְ hilech, gaan
– na een (niet-dubbele) medeklinker die een lettergreep afsluit: הִבְטִיחַ hivti’ach, beloven

3. Indien volgens de woordvorm een uitgesproken shewa zou moeten volgen op een keelmedeklinker krijgt de shewa een hulpklinker en wordt סֵ of סֱ, en wordt uitgesproken als een korte A of È. Dus שׁוֹאְלִים sho’eliem wordt שׁוֹאֲלִים sho’aliem, en הְיִיתֶם heyitèm wordt הֱיִיתֶם hèyitèm.

4. Een uitgesproken shewa vóór een lettergreep met een hulpklinker wordt overeenkomstig die hulpklinker uitgesproken. סְ voor סֲ wordt סְ ,סַ voor סֱ wordt סֶ .
Dat heeft vooral invloed op de lettervoorzetsels.
לְ + חֲבֵרָה wordt לַחֲבֵרָה en בְּ + אֱמֶת wordt בֶּאֱמֶת en לְ + אֱכֹל wordt לֶאֱכֹל

5. Twee op elkaar volgende uitgesproken shewa’s komen niet voor, dat klinkt niet. De eerste verandert in een I- of A-klank, de tweede wordt niet uitgesproken. Dit speelt vooral een rol bij de lettervoorzetsels. בְּ + רְחוֹב wordt בִּרְחוֹב birchov en לְ + כְּתֹב wordt לִכְתֹב lichtov.

6. De letters ע, ח, ה en soms de ר hebben vóór en liefst ook achter zich een סַ patach, een korte A. Wanneer aan het eind van een woord een lange klinker (behalve een סָ qamats) voorafgaat aan een ח, ה of ע, dan wordt hiertussen een ‘glijklinker’, een vluchtige A-klank (patach) ingevoegd. Die staat onder de genoemde letter, maar wordt ervóór uitgesproken. Voorbeelden: רוּחַ roe’ach, geest; הִבְטִיחַ hivti’ach, beloven. Deze patach heeft de bijnaam ‘patach genoevah’, ‘gestolen patach’.

7. Indien bij de woordvorm verdubbeling van een medeklinker gebruikelijk is, maar dit niet mogelijk is doordat dit een keelmedeklinker of resh is, dan treedt in plaats van deze verdubbeling (en gesloten voorgaande lettergreep) een klankverandering (verlenging) op: סִ IE wordt סֵ EE, סֻ OE wordt סֹ O en סַ A wordt סָ Á, al is dat niet echt hoorbaar.
Bij de chet vindt deze verandering vaak niet plaats.

8. Een qamats סָ of tsere סֵ in een open lettergreep vóór de klemtoon verandert in een uitgesproken shewa סְ , indien de klemtoon een plaats opschuift. Deze klinkervervlakking komt typisch voor bij werkwoorden in de verleden tijd, tweede persoon meervoud, bij vrouwelijke uitgangen en bij meervouden:
כָּתַבְתִי kátavtie Ik schreef, כְּתַבְתֶם ketavtèm Zij schreven.
מֵבִין mevien → מְבִינָה mevináh; דָבָר dávár → דְבָרִים deváriem

9. Een tsere סֵ pattach סַ en soms de segol סֶ in een beklemtoonde gesloten lettergreep vervlakt tot een uitgesproken shewa, indien de lettergreep wordt geopend en zijn klemtoon verschuift.
כּוֹתֵב kotev → כוֹתְבִים koteviem; כָתַב kátav → כָּתְבָה káteváh; יִכְתְּוּב yichtov → יִכתְּבוּ yichtevoe

10. Een E סֵ of È סֶ in een (beklemtoonde) gesloten eindlettergreep wordt een I סִ indien door toevoeging van lettergrepen (bij vervoeging of verbuiging) de lettergreep dubbelgesloten en onbeklemtoond wordt.
לֵב lev → לִבִּי libbie; גַרְזֶן garzèn → גַרְזִנִּים garzinniem

11. Een O-klank סֹ in een (beklemtoonde) gesloten eindlettergreep wordt een OE סֻ, indien bij toevoeging van lettergrepen (door vervoeging of verbuiging) de lettergreep dubbelgesloten is (en onbeklemtoond). Dit komt veel voor bij de namen van kleuren (les 24)
חֹק, חוֹק choq → חֻקִּים choeqqiem, wet.

12. Tenslotte een spellingsregel: een kleine cholam סֹ in een (beklemtoonde) gesloten eindlettergreep blijft een O-klank, maar dan een kleine kamats סָ , indien bij toevoeging van lettergrepen de lettergreep (enkel)gesloten is (en onbeklemtoond).
חֹדֶשׁ chodesh (eigenlijk חֹדְשׁ → (חָדְשִׁי chôd’shie; zie (oude) les 79.

Bronnen: en.wikipedia.org; Melet, les 7, Arjeh Gebhard, uitg. Coutinho ; Teach Yourself Biblical Hebrew, prof R.K. Harrison; Grammatica van het Bijbels Hebreeuws, Nat-Lettinga; www.kcv-net.nl/ (illustratie)
Zie ook: Videolessen van dr. Piet van Midden webapp.fkt.uvt.nl/bho/plugin_wiki/page/hebreeuws, les Qamets chatoef; les Naamwoorden met segol; les Werkwoord met keelletters
Deze Introductiecursus Hebreeuws is samengesteld als bijlage van de Israel-weekbrief en kan worden afgedrukt als PDF-document.

Leer de Hebreeuwse taal op MessiaNieuws.nl! Elke zondag weer een nieuwe les

Facebookreacties
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Be the first to comment on "Hebreeuws leren | Les 5: Hebreeuwse spelling en klankwetten"

Leave a comment

Your email address will not be published.


*