Getuigenis van een Messiaanse broeder: Ik mocht mij dienstbaar maken voor Gods Koninkrijk in de ongeveer vijf jaar dat ik werkte bij het Ministerie van Algemene Zaken, een gekoesterde wens.
Gebed in het Buitenhof
Ik was gebedscoördinator voor dit ministerie van de minister-president voor de organisatie Rijksgebed. Er werken maar zo’n driehonderd ambtenaren hier, en ik vond onder hen enige christenen – maar helaas voegde niemand zich bij dit gebed wat in lunchtijd plaats vond. Daarom bad ik alleen.
Ik werkte bij het ‘Beeldcentrum’ en we werkten in het eeuwenoude Buitenhof, in een kamer met uitzicht op de Hofvijver. Ik werkte daar aan een collectie rijksbrede beelden.
In de pauze ging ik soms bidden in een stilteruimte in de kelder. Daar heb ik wel vurig gebeden – geleid door Zijn Geest – voor onder andere de overheid.
Maar zeker bad ik ook voor excuses vanuit de regering voor de fouten van de Nederlandse overheid in de oorlog.
Ik vond het een plicht om als een Daniël of Esther te kunnen bidden hiervoor, vanuit het centrum van de macht. Ik bad ook aan het Binnenhof hiervoor, waartoe ik ook toegang had.
In die periode kwam de regering met een excuus – wat de Joodse gemeente veel goeds deed -, en ook de koning en kerken volgden daarna.
Dit kan helpen om Nederland een ‘schaap-natie’ te laten zijn in de eindtijd, in plaats van een ‘bok-natie’. We hebben blijvend gebed nodig (en geen cynisme) om dit laatste te voorkomen.
Ik vertel dit om een ieder te bemoedigen te (blijven) bidden, omdat Messias de rechtvaardige (Toragetrouwe) gelovige beloofd heeft dat in principe elk gebed verhoord wordt. En ik heb niet eens veel gebeden, maar het gaat om de kavanah, de vurige intentie van een gebed dat de Vader ons op het hart kan geven.
“En wat u ook zult vragen in Mijn Naam, dat zal Ik doen, opdat de Vader in de Zoon verheerlijkt zal worden. Als u iets zult vragen in Mijn Naam, Ik zal het doen” (Johannes 14:13-14).
Droefig was wel dat de hoofdcoördinator van Rijksgebed mij daarna toch vroeg te stoppen als coördinator, omdat ik niet belijdde dat Jesjoea ‘God de Zoon’ zou zijn (wel: ‘Zoon van God’).
Toen hij mij belde nam ik – tegen gewoonte – niet op, en die nacht kreeg deze gereformeerde broeder een droom van God, waarin Adonai aangaf dat ik belangrijk gebedswerk deed.
Dit deed hem huiveren en hij nam een jaar bedenktijd of ik nog voor Rijksgebed kon uitkomen. Ik zal het einde verder niet verhalen. Als men niet naar Mozes (en Jesjoea) luistert, naar wie dan wel?
“Abraham zeide tot hem: Zij hebben Mozes en de profeten, dat zij die horen. […] Indien zij naar Mozes en de profeten niet horen, zo zullen zij ook, al ware het dat er iemand uit de doden opstond, zich niet laten gezeggen” (Lukas 16:27-31).
Ik heb mijn werk bij de Rijksoverheid als voor God gedaan, al werkt zij niet altijd volgens Gods plannen. Hierom ben ik later ook weggegaan (vanuit een adviesraad).
Laten we als christenen blijven bidden voor de overheid – hoe fout een regering ook zou kunnen zijn -, alleen al zodat wij maar rustig kunnen leven en zo meer Godsvrucht kunnen dragen:
“Ik roep er dan vóór alles toe op dat smekingen, gebeden, voorbeden en dankzeggingen gedaan worden voor alle mensen, voor koningen en allen die in hoogheid gezeten zijn, opdat wij een rustig en stil leven zullen leiden, in alle godsvrucht en waardigheid” (1 Timotheüs 2:1-2).
Eerder schreef Levi op MessiaNieuws over zijn Vriendschap met een Sjoa-overlevende.
Lees ook zijn stuk over het erkennen als broeder van mensen die in de Ene God geloven.

Levi Zoutendijk is Messiaans Bijbelleraar/spreker met de websites:
YeshuaHaTorah.nl, EenigGod.nl en de Kaart Messiaanse Gemeenten.
Zijn vrouw maakt Messiaanse werkboeken voor kinderen en geeft thuisonderwijs. |
Samen maken zij Messiaans-Joodse muziek (link volgt).


Wees de eerste die reageert op "Gebed in het Buitenhof voor Nederlandse Joden (Getuigenis)"