Ik ben een goj

Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone
Print Friendly, PDF & Email

‘Van Israël hebben wij als christenen de Schriften ontvangen. Dit ontvangen is echter tot een beroving geworden.’ Dit schrijft Edjan Westerman in het boek De Messias leren – een leestip voor elke christen.

Het boek verhaalt over de rol van Israël in Gods plan met de wereld, de rol die binnen aardig wat christelijke stromingen wordt ontkend. Voor de roman Machla las ik meerdere boeken over Israël en het Joodse volk en deze staat in mijn top vijf.

Ik las ook over christenen die in Jezus’ naam het Joodse volk kwaad deden. Bijvoorbeeld de kruisvaarders. Nadat veel Joden in Jeruzalem naar een grote synagoge waren gevlucht, staken zij de synagoge in brand en marcheerden eromheen. Terwijl de mensen levend verbrandden, staken ze kruisen omhoog en zongen ze: ‘Christus, wij aanbidden U.’

De volgende morgen gingen de daders gewoon naar de kerk.

Nog een voorbeeld: de Poolse politie uit Dzialoszyce vermoordde in september 1942 tweeduizend onschuldige mensen, omdat zij Joods waren. De volgende morgen gingen de daders gewoon naar de kerk. Of wat denk je van de bewakers van concentratiekampen die op kerstavond liederen en gezangen zongen terwijl hun gevangen immens leden?

Eeuwen van vervolgingen, gedwongen ‘bekeringen’, pogroms en inquisitie liggen achter ons en dieptreurig genoeg zijn er nog steeds veel plaatsen waar Joden niet veilig kunnen leven.

Toen ik op de basisschool zat verklaarde een leerkracht de Sjoah door Mattheüs 27:25 aan te halen: ‘En heel het volk antwoordde en zei: Laat Zijn bloed maar komen over ons en over onze kinderen.’
Ik was elf en snapte er niets van.

Nu ben ik zogenaamd volwassen en weet ik dat dat een leugen was. En toch: hoe meer ik lees, hoe meer ik ontdek hoe weinig ik weet. Ik weet wel dat ik als christen niet wil ‘stelen’ van Israël. De Schriften heeft de Eeuwige aan haar gegeven. Een prachtig verhaal, te lezen in Exodus 19. De wolk die met het volk meereisde en dan als een baldakijn over de berg in de Sinaïwoestijn hangt, de Eeuwige die zijn volk zijn kostbare eigendom noemt.

In de Bijbel lees ik dat Israël het land van de Eeuwige is, dat het Joodse volk Zijn volk is. De Eeuwige heeft het Joodse volk uitverkoren en een verbond gesloten met dit volk. Als goj (niet-Jood) die weet dat Jezus haar redder is, mag ik mij aansluiten. Achteraan.

Jezus droeg tsietsiet en tefilien en ging op de sabbat naar de synagoge.

Ik vind het heerlijk om me te verdiepen in de Joodse overlevering, om zo de Eeuwige beter te leren kennen, om beter te begrijpen wat Jezus zei. Jezus die eigenlijk Yeshua heette en door en door Joods was. Hij droeg tsietsiet en tefilien en ging op de sabbat naar de synagoge. Hij citeerde vaak uit het boek Deuteronomium en was thuis in de Hebreeuwse Bijbel. Jezus, die dezelfde manier van Bijbeluitleg gebruikte als de rabbi’s in zijn tijd.

Tegelijkertijd vind ik het ontzettend moeilijk om te bepalen waar ik sta. Mede door de tragische geschiedenis van de Kerk en het Joodse volk. Ik ben geen Jood, maar een goj, iemand uit de vreemde volken, een heiden-christen. Ik wil me niet toe-eigenen wat niet voor mij is, wil geen onderdeel zijn of worden van de tragische geschiedenis, maar bijdragen aan verbinding.

Een verbinding die juist in deze woelige tijden onmisbaar is.

Lees ook eens:
De Messias leren, Israël en de volken – Gods weg nieuw leren lezen, Edjan Westerman
Bloed aan onze handen, de tragische geschiedenis van de Kerk en het Joodse volk, dr. Michael L. Brown
Sitting at the feet of rabbi Jesus, how the jewishness of Jesus can transform your faith, Ann Spangler en Lois Tverberg
Verborgen schatten, Joseph Shulam

Nine de Vries blogt voor MessiaNieuws, komt uit Friesland en is schrijver van de roman Machla, over een Joodse vrouw in de tijd van Jezus. 

Facebookreacties
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

3 Comments on "Ik ben een goj"

  1. Ze geeft aan dat het ze het moeilijk vindt om te bepalen waar ze staat. De Bijbel geeft uitkomst:

    In Mat. 28: 19 zegt de Messias: ”Ga dan heen, onderwijs al de volken (niet-Joden), hen dopend in de Naam van de Vader en van de Zoon en van de Heilige Geest, hun lerend alles wat Ik u (Joden) geboden heb, in acht te nemen.”
    Wat heeft Yeshua dan onderwezen? O.a. het volgende:

    Mat. 5: 17-19: ”Meen niet dat ik ben gekomen om de Wet of de profeten te ontbinden. Ik ben niet gekomen om te ontbinden, maar om te vervullen. Want, voorwaar, ik zeg u: Eer de hemel en aarde vergaan, zal er niet een jota of een tittel van de Wet vergaan, totdat alles zal zijn geschied. Wie dan een van de kleinste geboden ontbindt en de mensen zo leert, zal zeer klein heten in het Koninkrijk der hemelen; doch wie ze doet en leert, die zal groot heten in het Koninkrijk der hemelen.’’

    Mat. 23: 1-3: ”Toen sprak Jezus tot de menigte en tot Zijn discipelen: De Schriftgeleerden en de Farizeeën zijn gaan zitten op de stoel van Mozes. Daarom, al wat zij u zeggen dat u in acht moet nemen, neem dat in acht en doe het, maar doe niet naar hun werken, want zij zeggen het, maar doen het zelf niet.”

    Dit is prachtig. Wij, de gelovigen uit de heidenen, mogen ons ‘tot medeburgers van Israël’ rekenen, zie Ef. 2:11-12 en vers 19:

    Efeze 2: 11-12 en vers 19: ”Daarom gedenkt, dat u, die voorheen heidenen waart in het vlees, en die ‘voorhuid’ genoemd werd door degenen, die genoemd zijn ‘besnijdenis in het vlees’, die met handen geschiedt, dat gij in die tijd zonder Messias was, vervreemd van het burgerschap Israëls, en vreemdelingen van de verbonden der belofte, geen hoop hebbende, en zonder God in de wereld … Zo zijt gij dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers der heiligen, en huisgenoten Gods”.

    De Thora geldt zo ook voor ons. Zo worden het Jood en ‘Griek’ samen die God dienen.
    Ook Rom. 11: 13-32, Ef. 3: 6 en 1 Petr. 2: 9-10 spreken hierover.

    Romeinen 11: 17: ”Als nu enige van die takken afgerukt zijn, en u, die een wilde olijfboom bent, in hun plaats bent geënt en mede deel hebt gekregen aan de wortel en de vettigheid van de olijfboom…”.

    Efeze 3: 6: ”namelijk dat de heidenen mede-erfgenamen zijn en tot hetzelfde lichaam behoren en mede-deelgenoten zijn van Zijn belofte in Messias, door het Evangelie”.

    1 Petrus 2: 9-10: ”Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht, u, die voorheen geen volk was, maar nu Gods volk bent; u, die zonder ontferming was, maar nu in ontferming aangenomen bent”.

    Kunnen alleen Joden zondigen? Kan alleen Israël zondigen? Of heeft iedereen gezondigd?

    In Rom. 3: 23 leren we het volgende: ”Want allen hebben gezondigd en missen de heerlijkheid van God”.

    Dus, iedereen (Jood en niet-Jood) heeft gezondigd.

    Maar, wat is zonde?
    1 Joh. 3: 4: ”Ieder die de zonde doet, doet ook de wetteloosheid; want de zonde is de wetteloosheid.”

    Romeinen 7: 7a: ”Wat zullen wij dan zeggen? Is de Wet zonde? Volstrekt niet! Ja, ik zou de zonde niet hebben leren kennen dan door de Thora.”

    Dus: zonde is het overtreden van de Thora.

    Aan de Romeinen wordt geleerd om niet te blijven zondigen nu men tot geloof is gekomen:

    Romeinen 6: 1-6: ”Betekent dit nu dat we moeten blijven zondigen om de genade te laten toenemen? Dat in geen geval. Hoe zouden wij, die dood zijn voor de zonde, nog in zonde kunnen leven? Weet u niet dat wij die gedoopt zijn in Messias Yeshua, zijn gedoopt in zijn dood? We zijn door de doop in zijn dood met hem begraven om, zoals Messias door de macht van de Vader uit de dood is opgewekt, een nieuw leven te leiden. Als wij delen in zijn dood, zullen wij ook delen in zijn opstanding. Dit weten wij toch, dat onze oude mens met Hem gekruisigd is, opdat het lichaam van de zonde tenietgedaan zou worden en wij niet meer als slaaf de zonde zouden dienen.”

    Dus: men moet stoppen met zondigen (stoppen met het overtreden van de Thora), omdát men tot geloof is gekomen! Dit geldt voor zowel de Jood als voor de Griek.

  2. Kaïn die zijn broer doodsloeg… zei de Eeuwige hem: en 4:15  Doch de HEERE zeide tot hem: Daarom, al wie Kain doodslaat, zal zevenvoudig gewroken worden! En de HEERE stelde een teken aan Kain; opdat hem niet versloeg al wie hem vond. Kaïn is een type van het Joodse volk. Lees nu eens geheel Deuteronomium 28 en besef dat het joodse volk verantwoordelijk is voor de dood van de Heere Jezus(Lees: Jezus voor het Sanhedrin – kan je vinden op mijn site). En dat de kruisvaarders en derden het Joodse volk heeft vervolgd is in de 1e plaats omdat ze van de kerk die opdracht kregen maar zelf niet konden lezen. De zes miljoen Joden tijdens de laatste wereldoorlog verbleekt bij Rome waar een ongekend getal aan Christenen zijn vermoord. Niettemin is het verschrikkelijk voor woorden, maar als het Joodse volk Christus zou aannemen als hun Verlosser (Leviticus 25:25) dan zou het hun wel gaan. Maarrr “wat de toekomst brenge moge staat geschreven in de Bijbel”, de vrouw zal vluchten in de woestijn wat wil zeggen dat er hoop is voor Israël!

    Nine de Vries blogt voor MessiaNieuws, komt uit Friesland… je meent ‘t? Waarom zou je anders de Vries heten, nét als mijn wijlen oma.

Leave a comment

Your email address will not be published.


*