De strijd om het beloofde Land kent grote partijdige ophef. Vooral weer sinds 7-10-2023. Er wordt van alles beweerd, maar vaak gaat het om misvattingen, hoogdravende idealen en leugens. Heel opmerkelijk: officiële media verheerlijken terrorisme en verkondigen vals en vooringenomen nieuws. Arie Kok tracht met zijn boek over deze strijd in 100 vragen & antwoorden duidelijkheid te geven. Wat valt daaraan op?
Boekanalyse
Kok is schrijver en journalist en wil duidelijkheid geven over het conflict van de Staat Israël met de terroristen binnen en grenzend aan het Joodse Land. Hij heeft een journalistieke aanpak, waarbij hij raadt vroeg aan ‘onafhankelijke’ wetenschappers en deskundigen. Dit zijn Houtman (gepensioneerd hoogleraar Judaïca), Wagemakers (universitair hoofdocent Islam en Arabisch) en Wallet (hoogleraar Joodse studies).
Na een voorwoord zijn de vragen en antwoorden ingedeeld in 10 hoofdstukken. De langste hoofdstukken gaan over het Joodse nationale tehuis (H4; 22 vragen) en over Jodenhaat (H2; 15 vragen). De tekst is voorzien van voetnoten (hoofdzakelijk broninformatie).
Bij de tekst staan enkele landkaartjes en zwart-wit foto’s. Geëindigd wordt met een tijdlijn van belangrijke gebeurtenissen, een literatuurlijst, een verantwoording en een korte personalia van de drie wetenschappers die bijdroegen aan dit boek.
Kok pretendeert een vredesjournalist te zijn, wat hij definieert als “de context schetsen en mensen in beeld brengen die het meest onder onrecht lijden.” Hij gelooft dat gerechtigheid de weg naar vrede is. Hij herhaalt wat “Internationale instituten” over het conflict stellen; Israël zou zich schuldig maken aan genocide.
Evaluatie
In dit boekje wordt een eenzijdig en onjuist beeld geschetst over geschiedenis en achtergronden van de strijd om het beloofde Land, onder de pretentie van neutraliteit en onpartijdigheid. Maar die pretentie wijst op zelfingenomenheid en blindheid voor eigen valkuilen en tekorten. Tenzij het bedoeld is als opzettelijk kromme misinformatie vanuit een afkeer van de Staat Israël.
Isra‘Els geschiedenis wordt bijvoorbeeld zodanig gefragmenteerd beschreven, dat het nauwelijks recht doet aan samenhangende beeldvorming. Ook beweert Kok dat “er veel Arabieren” in het beloofde Land woonden sinds de tweede eeuw en dat die inmiddels “diepe wortels” hebben. Deze beweringen zijn feitelijk onwaar. Wetenschappelijk onderzoek heeft aangetoond dat het Land vanaf de tweede eeuw tot het einde van de 19de eeuw dunbevolkt was.
Ook suggereert Kok dat de VN-stemming over de toewijzing van het Britse mandaatgebied Palestine als Joods-tehuis onrechtmatig was. Het ledenaantal zou toen veel te weinig zijn geweest voor rechtsgeldigheid.
Verder zou Israël genocide (uitmoorden van een volk) plegen. Hoe kan dat als de betreffende mensen etnisch heel divers zijn en ook niet als volk georganiseerd zijn? Volgens Kok zouden zij grotendeels ‘Arabisch’ van afkomst zijn. Maar dan nog missen ze volksverband. Wat hen kenmerkt is haat, zowel onderling als tegen Israël.
Een belangrijke niet-behandelde vraag: Waarom ondervinden ‘Palestijnen’ zoveel ellende en tegenslag? Antwoord: Door hun gehechtheid aan terrorisme, wat Kok vrijheidsstrijd noemt, activeren zij aanhoudend een scheppingsbepaling (Mat 26:52).
Kok, A., Strijd om een Land. Israël-Palestina in 100 vragen en antwoorden. 2025, KokBoekencentrum, Utrecht, 111 pagina’s, € 14,99, ISBN: 9789043543774.
Progressieve kijk op Landsconflict


Wees de eerste die reageert op "Progressieve kijk op Landsconflict"