Waarom een volgeling van Jesjoea op Jom Kippoer vast en bidt.

Biddende Joden bij de Kotel (Westelijke Muur)
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone
Print Friendly, PDF & Email

Een geliefde vriend van mij verklaarde onlangs dat het niet meer nodig is om te vasten en te bidden voor verzoening op Jom Kippoer, omdat Jesjoea eeuwige verzoening heeft bewerkt. Eerlijkgezegd was ik nogal geschokt door deze uitspraak.

Ten eerste denkt geen enkele Torahgetrouwe gelovige in onze gemeenschap dat hij verzoening krijgt door te vasten en te bidden op Jom Kippoer. Stel dat er geen noodzaak meer is voor Verzoendag omdat de Messias verzoening heeft bewerkt. Dan kunnen we volgens dezelfde logica zeggen dat we geen Pascha meer hoeven te vieren omdat Christus als ons Paaslam is geofferd.

De reactie van mijn vriend is een weerspiegeling van de vervangingstheologie die op een of andere manier in het christendom aanwezig is geweest sinds de dagen van de kerkvaders. Dus waarom bid en vast ik, als volgeling van Jesjoea, op Jom Kippoer?

Het is onze verantwoordelijkheid vanuit het Verbond

Allereerst ben ik als Messiaanse Jood onderdeel van het Verbond dat God met het volk Israël heeft gesloten. God annuleert geen verbonden. In de brief aan de Galaten verklaart Paulus dat niemand, zelfs niet in menselijke verbonden, een volgend verbond sluit om daarmee een eerder verbond te wijzigen of te annuleren. Dat geldt dus zeker niet voor de verbonden die door onze trouwe God zijn gesloten.

Misschien zijn de strafclausules van het Verbond dat God in Leviticus en Deuteronomium met Israël sloot, het grootste bewijs dat het Verbond nog steeds van kracht is. De afschuwelijke vervolgingen, ballingschappen en de Holocaust zijn voldoende bewijs van de precisie waarmee deze clausules zijn uitgevoerd. Zelfs de terugkeer naar Sion in onze eigen dagen is vermeld in deze Verbondsclausules.

In de Schriften verklaart God bij monde van de profeten telkens opnieuw, dat -zelfs als Israël zondigt en ontrouw is- God trouw blijft aan zijn verbonden. Hij zal Zijn wil en plan met en door Israël volbrengen. Als het verbond dus nog steeds van kracht is, zondigen we tegen het verbond als we Jom Kippoer negeren.

Vroeger, toen de dingen nog niet zo duidelijk waren, konden we begrijpen dat God onze misstappen zou vergeven. Maar in deze laatste dagen is er een beter begrip van de Schrift. Hoe kunnen we dan verwachten dat God een opzettelijke overtreding, van één van de zeven belangrijkste vastgestelde tijden [Moadiem] binnen zijn Verbond, vergeeft? Nee, als lid van het Verbond is de Verzoendag aan mij en aan ons hele volk gegeven als gebod om te onderhouden.

De verzoening gedenken

Ten tweede ben ik als Messiaanse Jood door het genadige verzoeningswerk van de Messias verzoend. Dat op zich is voldoende reden om de Verzoendag te onderhouden. Maar meer dan dat is het een feit dat ik, als gelovige in Jesjoea, blijf zondigen – ondanks het feit dat ik verzoening voor mijn zonden heb en dat de Messias daarvoor de vreselijke prijs van persoonlijk lijden en kwelling heeft betaald aan een Romeins Kruis.

Dit trieste en verdrietige feit is voor mij voldoende reden om me te verootmoedigen en mijn ziel te laten lijden in vasten en rouw. Tenminste op één dag van het jaar, namelijk op de door God vastgestelde tijd die Hij heeft gegeven aan het Joodse volk. In zijn genade omringt God ons met omstandigheden en zaken die ons brengen tot bekering en heiligheid. Eén daarvan is de Verzoendag.

Ook ik ben schuldig

Als ik de gebeden van het Kol Nidrei aandachtig bestudeer, dan moet ik bekennen dat ik me aan veel van de genoemde zonden schuldig heb gemaakt. Dan bedoel ik met name de zonden van de tong en de lippen. Voor mij voelt het als genadige gelegenheid om dat aan de Heer te belijden en me te verontschuldigen dat ik heb gefaald. Het is een moment waarop ik in mijn hart kan bepalen dat ik er alles wat binnen mijn mogelijkheid ligt aan wil doen om deze fouten niet opnieuw te maken. Een moment waarop ik de Heer om hulp bidt door Zijn Geest zodat Hij mij in staat stelt om te overwinnen.

Het idee dat ik verzoening kan krijgen door te vasten en te bidden op Grote Verzoendag is absurd. De Verzoendag heeft de individuele Israëliet nooit verzoening gebracht. Het bloed van stieren en geiten kon nooit de zonde wegnemen. We zijn echter geheiligd doordat Messias Jesjoea zijn lichaam voor eens en voor altijd heeft geofferd.

Desondanks zal elke gelovige in Jesjoea voor de Rechterstoel van de Messias moeten verschijnen en verantwoording geven voor elke onbeleden zonde. De Verzoendag biedt mij nog een kans om mijn zonden aan de Heer te belijden en Zijn vergeving te ontvangen op grond van het verzoeningswerk van de Messias. Natuurlijk kan ik dat op ieder moment doen, maar ik moet het zeker doen op de Verzoendag.

Denken aan hem die geen verzoening hebben

Ten derde ben ik (Joseph Shulam red.) omringd door mensen van mijn eigen volk die de verzoening die God in de Messias heeft geboden niet hebben, vanwege hun ongeloof. Ik geloof dat de Verzoendag, van alle dagen van het jaar, de gelegenheid bij uitstek is om voor de Heer te vasten en te bidden namens de mensen om mij heen die verloren zijn.

Natuurlijk kan ik heel vaak op die manier bidden, en dat doe ik ook. Maar op Jom Kippoer ben ik onder de indruk. Ik zie Joodse mensen om mij heen vasten en bidden. Voor hen is het een wanhopige poging om de balans van het oordeel in hun voordeel te laten omslaan door veel goede werken en gebeden. Dit is een hartverscheurend feit en voor mij een duidelijke reden om mezelf te verootmoedigen voor de Heer, in gebed en vasten.

Er is geen betere dag van het jaar om te vasten en te bidden voor de verzoening van het Joodse volk en de mensen om ons heen dan de Verzoendag. De dag die God aan het Joodse volk heeft gegeven

Het getuigenis van Grote VerzoendagHet feit dat ik de Verzoendag eerbiedig, door op die dag te vasten en te bidden, geeft mijn verkondiging van het evangelie van Jesjoea aan mijn volk een krachtig en doordringend element. Ik onderhoud de Verzoendag niet om daarmee een getuigenis te zijn, maar eerder om de hierboven genoemde redenen. Maar het feit dat ik de Verzoendag uit overtuiging onderhoud, maakt mijn getuigenis naar mijn eigen volk veel krachtiger.

De Verzoendag en de tien Ontzagwekkende Dagen die daaraan voorafgingen, zijn een krachtige, contextuele verklaring dat de zonde een realiteit is in het leven van ons volk en van de mensen om ons heen. Geen enkele andere natie of religieuze gemeenschap besteedt 10 dagen van het jaar aan nadenken over de zonde. In Israël is dit element echter diep verankerd in de cultuur.

In de wereld van vandaag, en niet minder onder het hedendaagse Israëlische volk, is er een wijdverspreide en diepgewortelde ontkenning van de zonde. Dit psychologische verdedigingsmechanisme is nog dieper geworteld omdat mensen geen manier hebben om vrij te komen van hun zonden (verzoening te ontvangen).

Op Jom Kippoer zeggen we allemaal, “We hebben gezondigd, we hebben overtreden, we hebben ongerechtigheid begaan…” En ik, als Messiaanse Jood, kan erop wijzen dat God Israël niet heeft achtergelaten zonder het door Hem aangewezen zoenmiddel, de Messias. Hij bood Zijn eigen eeuwige ziel aan om de zonden van ons volk te verzoenen.

Profetische betekenis van de Verzoendag

De Verzoendag verwijst naar die dag in de toekomst, wanneer heel Israël zal worden gered. Zoals is geschreven:

“Ik zal over het huis van David en over de inwoners van Jeruzalem uitstorten, de geest van genade en van smekingen, en zij zullen zien wie ze doorboord hebben… Op die dag zal er grote rouw in Jeruzalem zijn… “– Zacharia 12:10A, 11a

De zeven vastgestelde tijden uit Leviticus 23 zijn een symbolische en profetische schets van Gods reddingswerk voor het volk van Israël en voor de hele wereld. Een van deze tijden, is de langverwachte Grote Dag van nationale redding, als de Messias verschijnt, als heel Israël dat op die dag leeft, gered zal worden. Dat zal zijn op de Verzoendag.

Bijbelse uitleg bij de plaats van de Verzoendag

Het klassieke, hermeneutische kader van de christelijke kerk is dat Christus het nieuwe verbond heeft ingewijd. Men gelooft dat het oude verbond daarmee terzijde is geschoven en dat de kerk nu Gods volk is in plaats van het volk Israël. Dit hermeneutische kader van de vervangingstheologie heeft ervoor gezorgd dat gelovigen in Jesjoea denken dat Gods verbond met het volk Israël achterhaald is en nietig is verklaard.

In deze eeuw krijgen Joodse gelovigen langzamerhand weer inzicht in hun verbondsrelatie met God en met het volk Israël. Het nieuwe verbond is geen vervanger voor Gods eerdere verbond, maar het helpt de leden van dat Verbond om zich te houden aan Gods Tora. Namelijk doordat Gods Tora op de tafels van ons hart wordt geschreven. Het zorgt ervoor dat we weten dat we door de Heer zijn gered en dat we vergeving van de zonden ontvangen als we in Hem geloven.

Doordat ik lid ben van het Nieuwe Verbond kan ik de Verzoendag op een echte en spirituele manier gedenken en onderhouden.

 

Dit artikel is vertaald en geredigeerd door Geke van Halteren naar een artikel van Joseph Shulam
(https://netivyah.org/why-do-i-Fast-and-Pray-on-Yom-Kippur/)

Joseph Shulam werd in 1946 geboren in Bulgarije in een Sefardisch Joodse familie. In 1948 emigreerde zijn familie naar Israel. In 1981 vestigde Joseph, samen met de kleine gemeenschap die begon in zijn huis, een van de eerste officiële non-profit organisaties van Joodse Discipelen van Jesjoea in Israel – Netivyah Bible Instruction Ministry. Joseph heeft volop lesgegeven en heeft geassisteerd bij de bemoediging van discipelen wereldwijd. Hij en zijn vrouw Marcia hebben twee kinderen en twee kleinkinderen.

Facebookreacties
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Be the first to comment on "Waarom een volgeling van Jesjoea op Jom Kippoer vast en bidt."

Leave a comment

Your email address will not be published.


*