In de Bijbel staat een unieke Godsdienst beschreven. Toch hebben zowel Judaïsme als christenheid daar hun eigen religies van afgeleid. Hun argument is steevast: door goddelijke inspiratie bleek steeds herinterpretatie, toevoeging en aanpassing nodig. Bijvoorbeeld om stand te houden in een seculiere wereld. Maar is dat argument wel steekhoudend en waarom is Bijbelse Godsdienst blijkbaar niet genoeg?
In het vorige deel van dit artikel werd vastgesteld dat Bijbelse Godsdienst geleerd werd door de Here Jezus en dat het gaat om het vereren en dienen van God op Zijn wijze. Ook werd vastgesteld dat het niet om Biblicisme (tunnelvisie op de Bijbel) gaat, maar om Godsdienst volgens de Bijbel.
Dit betekent echter niet dat het alleen bij de Bijbel blijft maar dat de leer steeds doorontwikkeld onder leiding van Gods Geest. Gods Verbond, de bijbehorende Torah en Zijn plan kaderen die ontwikkeling in en zijn er koersbepalend voor. Ook de geschiedenis van God met de gelovigen zijn bepalend voor die doorontwikkeling. Maar wat is dan het verschil met de argumentatie van Judaïsme en de christenheid?
Wat is Bijbelse Godsdienst niet?
Als Torah centraal wordt gesteld, wat zo is in Bijbelse Godsdienst (zie het vorige artikel), dan wordt dat al gauw als ‘wettisch’[1] weggezet. Maar dat kan niet waar zijn, want de Bijbel bestrijdt wettisch toepassen van Torah expliciet[2]. Dat sommige vormen van religiositeit wel wettisch zijn laat zien dat het los is komen te staan van de Bijbel en diens Godsdienst. Wetticisme gaat meestal om het dwangmatig navolgen van menselijke bepalingen of over te grote aandacht op slechts bepaalde Bijbelse bepalingen, waarbij andere zwaarwegende bepalingen niet worden meegewogen. In beide gevallen gaat het dus om het afdwalen op zijsporen, terwijl Bijbelse godsdienst zich juist richt op het hoofdspoor.
Ook is Bijbelse Godsdienst niet bepaald ‘Joods’. Althans maar gedeeltelijk. Oorspronkelijke Bijbelse Godsdienst werd tijdens een bepaalde periode – vanaf de overheersing van de Mesopotamische wereldrijken – tot op zekere hoogte vanuit andere culturen beïnvloed daardoor waardoor ‘Jodendom’ ontstond[3]. Dat was de Godsdienst waar de Here Jezus te midden van werkte en terecht ook tegen ageerde.
De navolgers van dat Jodendom werden schuldig aan de verwoesting van de Isra’Elitische natie die God zo’n 1400 jaar eerder had gecreëerd. Maar Bijbelse Godsdienst staat echter nog veel verder af van Judaïsme (rabbinaal Jodendom) dat vanaf de 2de eeuw CE van dat Jodendom werd afgeleid. Judaïsme is zelfs fundamenteel strijdig met Bijbelse Godsdienst[4].
Is Bijbelse Godsdienst ‘christelijk’? Nauwelijks, want alleen al het christelijke kernconcept ‘Christus’[5] is on-Bijbels[6]. Dan is er nog het feit dat mainstream christenheid Torah verwerpt of als irrelevant opvat. Daardoor plaatst het zich bewust buiten het kader van Bijbelse Godsdienst en onder Gods oordeel daarover. Om nog maar te zwijgen over de onzin die de christenheid er nog steeds zo nodig aan toe meent te moeten voegen.
Zoals hiervoor al genoemd zou Bijbelse Godsdienst niet Biblicistisch behoren te zijn, maar in dit artikel wordt Bijbelse Godsdienst steevast onbepaald gelaten. Dat biedt immers ruimte voor verschillende interpretaties en invullingen, wat juist diens uitgesproken Isra‘Elitische karakter toont.
Hoe is Bijbelse Godsdienst na te volgen?
Basis van Bijbelse Godsdienst is de Bijbelse Torah (Gods onderricht)[7]. Dat was van oorsprong het enige wat de mens nodig had en dat heeft ‘Adam ook ontvangen[8]. Maar doordat hij zich aan satan onderwierp raakte dat onderricht gecorrumpeerd en daarmee zijn nageslacht. De Godsverduistering trad in (Gen 3:22-24).
God koos er later voor ‘de draad weer op te pakken’ met de enige vrome mens die na een millennium nog over was; Noach. Hij deed dit door een Verbond[9] met hem te sluiten. Zo is aan Bijbelse Godsdienst dit Verbondselement toegevoegd en dit kan gezien worden als de eerste stap in de modificatie ervan. Gods Verbond omsluit de Torah die daarvoor al bestond en maakte Torah daarvan afhankelijk. Elke Verbond heeft diens eigen Torah en elk nieuw Verbond dat God sluit omvat (incorporeert) het voorafgaande Verbond[10]. Maar een nieuw Verbond betekent ook een aanpassing van de voorafgaande Torah en uitbreiding/ verandering ervan. De opvolgende vernieuwingen van Zijn Verbonden vertoont een opgaande lijn.
God koos er op een bepaald moment in de geschiedenis voor om een afzonderlijk volk te scheppen met een eigen Land, zodat het een natie kon worden; Isra‘El. Daartoe sloot Hij een ook nieuw Verbond met dat volk. Toen zij zich vestigde in dat eigen Land werd daardoor ook de Bijbelse Godsdienst door plaats waar ze zich bevonden bepaald. Uiteindelijk werd de residentiestad van de Isra‘Elitische natie Jeroesjalajim.
Daar werd dan ook een centraal heiligdom gemaakt; de Bejt HamMiqdosj (de Tempel). Het werd steeds duidelijker dat Bijbelse Godsdienst parallel loopt met de Godsdienst van de hemel (Gods Verblijfplaats in de schepping). Na het verlies van de Tempel op aarde is de focus op de eredienst in de hemel te liggen in Bijbelse Godsdienst[11]. Hoewel een catastrofe voor het niet-verloste en door God verstrooide Isra‘El, maar een enorme verbetering voor Gods verloste volk. Dat kan ook goed, want de Here Jezus werd daarin door God als kohen gadol (Isra‘Eltisch hogepriester) aangesteld. Bijbelse Godsdienst blijft dus sinds Mosjéh uitgesproken heiligdom-eredienst.
Bijbelse Godsdienst heeft de Bijbel als leidraad en het begint bij de belijdenis en bevel van Devariem 6:4-5. Vandaaruit moet/kan voor elk levensonderwerp in de Bijbel een richtlijn worden vastgesteld en/of afgeleid.
Voorwaarden Bijbelse Godsdienst
Aan het uitleven van Bijbelse Godsdienst zijn wel een strikte voorwaarden verbonden. De navolgers moeten wedergeboren zijn en dus ook vervuld van de Heilige Geest. Dit is immers een minimum vereiste voor Torahnavolging om zo trouw te zijn aan het Nieuwe Verbond.
Karakteristieken
Enkele belangrijke karakteristieken van Bijbelse Godsdienst zijn:
-Theocentrisch (in plaats van christocentrisch; Mat 4:10; Mk 10:18)
-Isra‘Elitisch (Torah praktijkgericht in plaats van hoofdzakelijk geloof gericht)
-Bestel van God gericht (uitgaan van Gods optiek in plaats van die van de mens)
-Zending gericht (in plaats geloofsgemeenschap/kerk gericht)
-Broederlijk (in plaats van individualistisch gericht)
-Diaconaal (in plaats van consumerend gericht)
Evaluatie
Is het argument van de wereldgodsdiensten waar dat door goddelijke inspiratie herinterpretatie, toevoeging en aanpassing steeds nodig is? Ja, maar dan moet dit wel binnen het kader van de Bijbel blijven. De wereldgodsdiensten zoeken het echter daarbuiten[12].
Waarom is Bijbelse Godsdienst blijkbaar niet genoeg? Omdat het natuurlijk aanstootgevend is voor zowel de menselijke (lees: niet van de zonde verloste) gezindheid als voor de wereldse gezindheid. De vraag is dus niet of het ‘genoeg’ is, maar of het voor de wereld (lees: het vlees) aanvaardbaar is. Het antwoord is, zoals steeds uit de geschiedenis blijkt, dat de Bijbelse Godsdienst grondig wordt verworpen. Daarmee draagt het diens eigen oordeel in hun binnenste!
+++
[1] Ook wel legalisme of zelfrechtvaardiging genoemd. Dat gelovigen alleen nog gericht zijn op het volbrengen van regels die al dan niet Bijbels zijn en daarop vertrouwen voor hun heil. Wetticisme is niet alleen een uitholling van wat de Bijbel leert, maar ook een doodlopend zijspoor.
[2] Vooral in de brieven van de apostel Paulus is bestrijding van wetticisme een thema.
[3] Jodendom ontstond niet eerder dan de 6de eeuw BCE, want toen pas werd de bijnaam ‘Jood’ gangbaar en in die tijd werd de buiten-Bijbelse aanpassing van de oorspronkelijk Bijbelse godsdienst steeds meer in buiten-Bijbelse literatuur vastgelegd.
[4] Dat voorzag de Here Jezus (Mat 23:15; Joh 8:44) en wordt ook uitgebreid beschreven in de geschriften van het Beriet Chadasjah (Nieuwe Verbond).
[5] Dat de goddelijke Here Jezus als God Zelf wordt voorgesteld en in sommige denominaties zelfs God, de Vader, vervangt is ronduit Godslasterlijk, maar Theologisch ook onmogelijk, onnodig en onlogisch. Nog los van de heidense voorstelling van de gelijkstelling van de Heilige Geest met Maria, de ‘moeder’ van de Here Jezus, en zelfs verdringing van de Heilige Geest; Vader, ‘moeder’ en Zoon als voorstelling van een Drie-Enig God!
[6] Ondanks dat die titel christos in de Bijbel voorkomt. Er is een verschil tussen wat in de Bijbel staat en hoe mensen het interpreteren en vertalen. In een Nederlandse Bijbelvertaling wordt de titel christos in een gelatiniseerde verbastering onvertaald gelaten, wat toch heel opmerkelijk is. Logischer is het consequent als Gezalfde (Gods) te vertalen. Ook vatten veel christenen deze titel of benaming foutief op als persoonsnaam van de Here Jezus.
[7] Er bestaat de goddelijke Torah wat een afdruk is van Gods wil, maar die Torah is nog niet volledig geopenbaard. Dat gebeurt stapsgewijs afhankelijk van de geschiedenis van God met de gelovigen.
[8] De Torah die ‘Adam ontving was heel basaal en werd mondeling gegeven (Bijvoorbeeld Gn 2:16-18).
[9] Een vriendschapsverdrag met voorwaarden.
[10] Er is in principe dus altijd maar één Verbond van God van toepassing. De galoet (verstrooiing) van het volk Isra‘El vormt daar een uitzondering op, want God is trouw aan Zijn Verbond met dat volk. De galoet heeft het Mozaïsche Verbond met Isra‘El als het ware ‘ingevroren’. Met andere woorden, Hij heeft een nieuw Verbond met Zijn nieuwe Verbondsvolk gesloten (Beriet Chadasjah), maar met het Isra‘El in de galoet geldt nog het voorafgaande, Mozaïsche Verbond.
[11] Die hemeleredienst bestaat al sinds de schepping.
[12] In menselijke overwegingen en inzicht, zoals catechese, Talmoed of andere buiten-Bijbelse geschriften, en/of in heidendom (buigen voor de seculiere wereld).
Wat is Bijbelse Godsdienst? – deel 2 (einde)


Wees de eerste die reageert op "Wat is Bijbelse Godsdienst? – deel 2 (einde)"