Eloel: een maand van berouw en bekering

Beeld: Voice of Shofar
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Op de Hebreeuwse kalender gaat de maand Eloel vooraf aan de maand met de najaarsfeestdagen. Deze maand wordt al van oudsher geassocieerd met berouw en bekering, ofwel in het Hebreeuws, tesjoeva.

Het is een tijd van zelfonderzoek, verzoening, en voorbereiding in aanloop naar de Bazuinendag, Grote Verzoendag en het Loofhuttenfeest. De naam van de maand, welke wordt gespeld als Alef – Lamed – Vav- Lamed, wordt ook gezien als acroniem van: Ani L’dodi V’dodi Li: Ik ben van mijn geliefde en mijn geliefde is van mij, een citaat uit Hooglied 6:3. In het Aramees betekent het woord Eloel: zoeken. Dit woord sluit ook aan bij deze tijd van het jaar, waarin wij ons hart onderzoeken.

Periode van 40 dagen

Volgens de traditie verbleef Mozes in de maand Eloel op de berg Sinai. Toen Mozes zag hoe de Israelieten dansten rond het Gouden Kalf, smeet hij de twee tabletten met de Tien Woorden kapot, die hij zojuist van de Berg Sinaï naar beneden gebracht had. Dat gebeurde volgens de traditie op de 17de van de maand Tammoez. Op Rosj Chodesj Eloel, ging Mozes voor de tweede keer de Berg Sinaï op om de tabletten van God in ontvangst te nemen, nadat God zijn pleidooi voor vergeving van het volk had geaccepteerd. Ook deze tweede keer verbleef Mozes veertig dagen en veertig nachten op de berg, dat wil zeggen, van Rosj Chodesj Eloel tot Jom Kippoer.

Ten slotte, op Jom Kippoer, zei God tegen hem: „Ik heb hen vergeven, zoals jij gevraagd hebt.”

Band met God en de medemens herstellen

De eerste stappen die je dit seizoen van Tesjoeva kunt zetten zijn:

1) Erken en verlaat je zonden

2) Heb berouw over je zonden

3) Belijd je zonden en maak het goed met degenen die je hebt gekwetst

Berouw

Berouw of spijt is meer dan alleen het maken van excuses. Het is meer dan alleen een gevoel of uiting van schaamte. Berouw heeft met schuld te maken. Schuld die moet worden ingelost, of kan worden kwijtgescholden. Berouw houdt in, dat we onszelf beoordelen door de werking van het Woord van God en in de kracht van de Heilige Geest. Berouw is, dat we ontdekken dat we door en door zondig zijn, dat we onze schuld zien, onze verloren toestand.

Dat we net als Jesaja zeggen: “Wee mij, want ik verga”.

Dat we net als Petrus zeggen: “Heere, ga weg van mij, want ik ben een zondig mens’.

Geprezen zij de Eeuwige dat Hij door Jesjoea onze schuld heeft kwijtgescholden. Maar dit betekent niet dat het niet meer nodig is om berouw te hebben over onze zonden. Zonden kunnen namelijk tussen ons en God instaan, wat een negatieve invloed heeft op onze relatie met de Vader. Het belijden en goedmaken van onze zonden is dan ook erg belangrijk.

Het proces van berouw en inkeer vereist tijd en inspanning. Het duurt lang voordat we inderdaad oprecht vanuit ons hart kunnen zeggen, wee mij! Daarom beginnen we hiermee al lang van te voren, vanaf de eerste dag van Eloel, dertig dagen vóór het Bazuinenfeest, of Rosh Hasjanna. Op deze manier kunnen wij ons voorbereiden op de meest Heilige dag van het Jaar, Grote verzoendag.

Deze maand is ook een tijd om elkaar om vergeving te vragen voor wat wij de ander hebben aangedaan. Dit is niet eenvoudig, maar wel nodig!

S’lichot

Als de maand Eloel bijna aan zijn einde komt worden in de synagogen de traditionele gebeden voor vergeving uitgesproken: de s’lichot.

De inhoud van die gebeden is een verzameling van teksten uit de Tora en poëtisch geschreven Hebreeuwse teksten waarin God om vergeving wordt gevraagd. Zowel op persoonlijk vlak, als voor de gemeenschap als geheel.

Het is niet alleen goed om berouw te hebben over je eigen zonden, maar ook voor onze collectieve zonden. Een kort verhaal hierover:

Jozef en zijn jongere broertje Benny gingen met hun vader naar de synagoge op de zaterdagavond voor Rosh Hasjanna, voor de speciale S’lichot dienst. Benny was nog te jong om de gebeden op te zeggen, maar hij wist dat s’lichot vergeving betekent en dat iedereen tot God aan het bidden was voor vergeving. Hij zat naast zijn vader en kijk de hele tijd naar hem. Hij had zijn vader nog nooit zo serieus gezien. Zeker toen hij zijn hoofd boog bij een bepaald gebed.

Na de dienst vroeg Benny zijn oudere broer over dit gebed. Jozef opende zijn gebedenboek liet hem het gebed zien. Dit is het gebed van de belijdenis, legde hij uit. Wat is belijden? Vroeg Benny. Nou, als je iets verkeerd doet en je zegt: het spijt me, ik heb dit en dit gedaan. Dat is belijden.

Wat staat er dan in dit gebed? Dit gebed volgt het Aleph Beet. Zie je? In dit gebed staat: We hebben gezondigd, wij zijn vals geweest, wij hebben geroofd…

Wat is er Benny, waarom huil je? Ik dacht dat mijn vader de geweldigste man van de wereld was. Waarom heeft hij dan zulke dingen gedaan! Wacht even, zei Jozef, je denkt toch niet dat hij al deze dingen heeft gedaan? Nou, waarom zei hij het dan? Hij meende het echt hoor, ik heb naar hem gekeken! Jozef kon zijn lach niet onderdrukken. Luister, zei hij, ik zal het je uitleggen.

Dit gebed wordt opgezegd door alle gelovigen, zelfs door de heiligste rabbi’s. Alle gelovigen zijn als een één lichaam. Dus als één deel van het lichaam pijn heeft, is het hele lichaam ziek.

Zo is het ook met zonden. Als één gelovige zondigt, beschadigt hij daarmee het hele lichaam. Daarom noemen we in het gebed alle mogelijke zonden, in de volgorde van het Aleph Beet, die elke gelovige gedaan zou kunnen hebben. Daarom heet dit gebed: ‘Wij hebben gezondigd’, dat is dus: wij allemaal samen! Dit laat ons zien hoe verantwoordelijk wij voor elkaar zijn, en dat we elkaar altijd moeten helpen om alleen goede dingen te doen.

Benny veegde zijn tranen af en voelde zich een stuk beter. Hij wist nu dat zijn vader nog steeds de meest geweldige man van de wereld was, en dat hij niet alleen voor zichzelf bad, maar ook voor anderen.

Uit dit verhaal blijkt dat het belangrijk is om te bidden en zonden te belijden van onze gemeenschap, en zelfs het belijden van de zonden die ons land begaat.

Je kunt dat natuurlijk volgens de traditie voor het Joodse volk doen, maar dat kan ook voor het Nederlandse volk.

Phone down time

Om ons hart te kunnen onderzoeken en om God te kunnen zoeken in deze maand is het goed om na te denken over manieren waarop we onszelf helpen om ons op God te richten. Voor sommigen van ons zou het kunnen helpen om deze maand minder tijd te besteden op onze smartphone, tablet of tv. Zo kunnen we deze maand leven in de wereld, zonder teveel te worden afgeleid door wereldse zaken.

De feestdagen die vóór ons liggen leren ons om op een hoger level te leven. Het doel van deze dagen is uiteindelijk om dat hogere level naar beneden te brengen in deze wereld. Met andere woorden: om een stukje van het koninkrijk van God naar deze aarde te brengen, en zo herstel te brengen in deze gebroken wereld.

Als we ons deze maand willen richten op onze geliefde, onze Vader in de hemel, moeten we onze smartphones neerleggen, omdat we alléén op die manier berichten van God kunnen ontvangen.

Moge dit seizoen van Tesjoeva genezing brengen in jullie relaties met je medemensen en een meer intieme relatie met de Vader, door Jesjoea en door de kracht van Zijn Geest. Veel zegen in jullie voorbereiding op de najaarsfeesten!

Jeroen Kwint is voorganger in de Joods-Messiaanse gemeente Beet Sar Sjalom te Lelystad en beheert de blog Christianroots.

Facebookreacties
Share on FacebookTweet about this on TwitterEmail this to someone

Reageer als eerste on "Eloel: een maand van berouw en bekering"

Laat een reactie achter

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd


*