Leerhuis

Menorah

Parasjah Bemidbar – In (de) woestijn

Deze sidra‘ (Nm 1-4) gaat over de laatste voorbereidingen (telling en opstelling van Gods volk) voor de inwijding van het heiligdom. Eerst de Isra‘Eliem, dan de Lewiejim (Levieten) en daarna de kohaniem (Isra‘Elitische priesters). De…




Menorah

Ezau, hij is Edom -7-

Ezau’s nageslacht (1) Genesis 36 bestaat uit twee familiegeschiedenissen. De eerste is van Ezau, dat is Edom (als persoon). De tweede is van Ezau, de vader van Edom (als familiehoofd). De twee toledot van Ezau…


Menorah

Parasjah Behar – Aan de berg

Deze sidra‘ (Lv 25-26) gaat over de bepalingen over het leven in het beloofde Land. Dat zijn de bepalingen van het Sjabbats- en Jubeljaar, verkoop en lossing van bezit, omgang met de verarmde, afgoderij en…


Menorah

Ezau, hij is Edom -6-

Ezau’s verbittering Het valt te begrijpen dat Ezau verbitterd is. In plaats van dat overvloed ‘in zijn schoot’ geworpen wordt, woont hij in een woeste plaats en moet hij vechten om te leven. En in…


Menorah

Parasjah ‘Émor – Zeg (tot de kohaniem)

Deze sidra‘ (Lv 21-24) behandelt eerst de speciale wijdingsbepalingen voor de kohaniem. Daarna de (verdere) bepalingen voor het functioneren van het heiligdom en de Mozaïsche rechtspraak. Kortom, al de zaken waarvoor de kohaniem (priesters) verantwoordelijk…




Menorah

Ezau, hij is Edom -5-

Ezau’s engelvorst De zegen die Jakob gekregen heeft, is ook de aanleiding om te vluchten voor Ezau. Hij is zijn leven niet zeker. Lange tijd is Jakob van huis. Maar nu is Jakob op de…


Menorah

De levende Zoon

20 Hij riep de HEERE aan en zei: HEERE, mijn God, hebt U dan ook deze weduwe, bij wie ik als vreemdeling verblijf, zoveel kwaad gedaan dat U haar zoon gedood hebt? 21 En hij…


Menorah

De dode zoon

19 Maar hij zei tegen haar: Geef mij uw zoon. Hij nam hem van haar schoot en droeg hem naar boven naar het bovenvertrek, waar hijzelf woonde, en hij legde hem neer op zijn bed….



Menorah

De dode en de levende zoon

17 Het gebeurde na deze dingen dat de zoon van deze vrouw, de vrouw des huizes, ziek werd. Zijn ziekte werd zeer ernstig, totdat er in hem geen adem overbleef. 1 Kon. 17 Na deze…