De generatie met wie de HEERE het verbond op de berg Horeb sloot is gestorven. Daarom roept Moses het volk bijeen, om het verbond met de HEERE te vernieuwen, voordat het volk Israël het land Kanaän zal binnentrekken.
De Bijbelgedeelten voor de sjabbat Nitzavim (Jullie staan) en Wayelech (En hij ging) zijn:
✡ Torahlezingen: Deuteronomium 29:9 – 31:30,
✡ Profetenlezing: Jesaja 61:10 – 63:9,
✡ Brit Chadashah, Nieuwe Testament: Johannes 15:1-11 en Romeinen 10:1-17.
Gedeelten uit de Torahlezing
Dit zijn de woorden van het verbond dat de HEERE Mozes geboden heeft met de Israëlieten te sluiten, in het land Moab, naast het verbond dat Hij met hen gesloten had bij de Horeb. Mozes riep heel Israël bijeen en zei tegen hen: U hebt alles gezien wat de HEERE in het land Egypte voor uw ogen gedaan heeft, met de farao, met al zijn dienaren en met heel zijn land: de grote beproevingen die uw ogen gezien hebben, die grote tekenen en wonderen. Maar de HEERE heeft u geen hart gegeven om dat te erkennen, of ogen om te zien, of oren om te horen, tot op deze dag.
Ik heb u veertig jaar door de woestijn laten gaan; uw kleren zijn bij u niet versleten, en uw schoenen zijn niet versleten aan uw voeten; brood hebt u niet gegeten, en wijn en sterkedrank hebt u niet gedronken, opdat u zou weten dat Ik de HEERE, uw God, ben.
Houd daarom de woorden van dit verbond, en doe ze, opdat u verstandig zult handelen in alles wat u doet.
U staat heden allen voor het aangezicht van de HEERE, uw God: uw stamhoofden, uw oudsten en uw beambten, alle mannen van Israël, uw kleine kinderen, uw vrouwen, en uw vreemdeling die in het midden van uw tentenkamp is, van uw houthakker af tot uw waterputter toe, om het verbond van de HEERE, uw God, en Zijn vervloeking, binnen te gaan, dat de HEERE, uw God, heden met u sluit, opdat Hij u heden voor Zichzelf tot een volk bevestigt, en Hij voor u tot een God is, zoals Hij tot u gesproken heeft en zoals Hij uw vaderen, Abraham, Izak en Jakob, gezworen heeft.
En niet alleen met u sluit ik dit verbond en deze vervloeking, maar met hem die hier heden bij ons staat voor het aangezicht van de HEERE, onze God, en met hem die hier heden niet bij ons is.
Deuteronomium 29:1-5 en 9-15 (18) (HSV).
Gedeelten uit de Profetenlezing
Omwille van Sion zal ik niet zwijgen, omwille van Jeruzalem zal ik niet stil zijn, totdat haar gerechtigheid opkomt als een lichtglans, en haar heil als een brandende fakkel.
De heidenvolken zullen uw gerechtigheid zien en alle koningen uw luister; u zult met een nieuwe naam genoemd worden, die de mond van de HEERE bepalen zal. U zult een sierlijke kroon zijn in de hand van de HEERE en een koninklijke tulband in de hand van uw God.
Tegen u zal niet meer gezegd worden: verlatene, en tegen uw land zal niet meer gezegd worden: woestenij, maar u zult genoemd worden: Mijn welgevallen is in haar, en uw land: getrouwde; want de HEERE verlangt naar u, en uw land zal getrouwd worden. Want zoals een jongeman trouwt met een jonge vrouw, zo zullen uw kinderen trouwen met u; zoals een bruidegom zich verblijdt over zijn bruid, zo zal uw God Zich over u verblijden.
De HEERE heeft gezworen bij Zijn rechterhand en bij Zijn sterke arm: Nooit zal Ik uw koren meer geven als voedsel aan uw vijanden, en nooit zullen vreemdelingen meer uw nieuwe wijn drinken waarvoor u zich ingespannen hebt! Maar wie het inzamelen, zullen het eten en de HEERE prijzen, en wie hem oogsten, zullen hem drinken in de voorhoven van Mijn heiligdom.
Ga door, ga door, de poorten door, bereid de weg voor het volk, verhoog, verhoog de gebaande weg, zuiver hem van stenen, steek een banier omhoog boven de volken.
Zie, de HEERE heeft het doen horen tot aan het einde der aarde: Zeg tegen de dochter van Sion: Zie, uw heil komt, zie, Zijn loon heeft Hij bij Zich en Zijn arbeidsloon gaat voor Hem uit. Zij zullen hen noemen: het heilige volk, de verlosten van de HEERE, en u zult genoemd worden: Gezochte, Stad die niet verlaten is.
Jesaja 62:1-5 en 8-12 (HSV).
Een gedeelte uit het Nieuwe Testament
Ik ben de ware Wijnstok en Mijn Vader is de Wijngaardenier. Elke rank die in Mij geen vrucht draagt, neemt Hij weg; en elke rank die vrucht draagt, reinigt Hij, opdat zij meer vrucht draagt.
U bent al rein vanwege het woord dat Ik tot u gesproken heb. Blijf in Mij, en Ik in u. Zoals de rank geen vrucht kan dragen uit zichzelf, als zij niet in de wijnstok blijft, zo ook u niet, als u niet in Mij blijft. Ik ben de Wijnstok, u de ranken; wie in Mij blijft, en Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt u niets doen. Als iemand niet in Mij blijft, wordt hij buiten geworpen zoals de rank, en verdort, en men verzamelt ze en werpt ze in het vuur, en zij worden verbrand. Als u in Mij blijft en Mijn woorden in u blijven, vraag wat u maar wilt en het zal u ten deel vallen.
Hierin wordt Mijn Vader verheerlijkt, dat u veel vrucht draagt en Mijn discipelen bent.
Johannes 15:1-8 (HSV)
Een verbond met heel het volk
Het is bijna veertig jaar nadat de HEERE op de berg Horeb een verbond sloot, kort nadat het volk Israël met grote tekenen uit het slavenhuis Egypte waren geleid. De generatie met wie Hij het verbond sloot, is in de woestijn gestorven. Daarom hernieuwt de HEERE het verbond, kort voordat het volk het land Kanaän binnentrekt.
Na alle vervloekingen, aangezegd als straf op ongehoorzaamheid aan de Torah, Gods onderwijzing – dat zijn er bijna 100 in Deuteronomium 28, na de bijna 50 in Leviticus 26 – komt Moses hier met een woord van troost en bemoediging: God wil opnieuw een verbond sluiten met het volk, Hij wil een hechte relatie met hen aangaan, zich met hen verbinden.
Moses herinnert het volk aan de uittocht, alsof ieder van hen die zelf heeft meegemaakt. Hij herinnert hen aan hun ongeloof, toen zij weigerden het beloofde land binnen te gaan uit angst voor de sterke inwoners. Maar
Moses herinnert het volk er ook aan, hoe God toch veertig jaar voor hen heeft gezorgd in de woestijn: ‘Uw kleren zijn niet versleten, en uw schoenen zijn niet versleten aan uw voeten’.
Het gedeelte van Deuteronomium voor deze week heet Nitsavim, ‘jullie staan’. Dat is een vorm van het werkwoord נצב natsav, dat ‘opgesteld staan’, ‘overeind staan’ betekent. Wie stonden er daar om het verbond met God te vernieuwen? Het waren de kinderen van de mannen die uit Egypte waren weggetrokken, en in de woestijn waren gestorven. Ook de waterdragers, houthakkers en dienaren die niet van het volk Israël zijn maar zich er bij hebben gevoegd, mogen daarbij horen. Ook ‘met hem die hier heden niet bij ons is’, sluit God dit verbond. Met hun kinderen en kindskinderen dus. Het is een verbond van geslacht op geslacht, zoals erfbezit wordt doorgegeven van ouders aan kinderen.
Dit verbond met God geldt voor geheel Israël vandaag, volwassenen en kinderen, groot en klein, en ook voor hen die bij Israël staan, zoals Paulus schreef ‘En als u van Christus bent, dan bent u Abrahams nageslacht en overeenkomstig de belofte erfgenamen’ (Galaten 3:29).
Rabbbi Ari Enkin gaf nog een uitleg aan het woord Netsavim: ‘Jullie staan allemaal nog overeind. Jullie hebben je niet als engelen gedragen tijdens de veertig jaar durende zwerftocht door de woestijn. Jullie hebben God vaak boos gemaakt – met het maken van het gouden kalf, gemopper over eten, onwil om het land Kanaän binnen te trekken – en toch, jullie staan nog steeds overeind. Jullie hoeven niet bang en geïntimideerd te zijn door alle vloeken die jullie hebben gehoord. Je hoeft niet te wanhopen, of je wel aan Gods normen kunt voldoen. Je kunt het!’
De apostel Paulus voelt zich verbonden met zijn volk, en heeft verdriet over hun ongeloof: ’(Mijn broeders) zijn immers Israëlieten; voor hen geldt de aanneming tot kinderen en de heerlijkheid en de verbonden en de wetgeving en de eredienst en de beloften.’ (Romeinen 9:4)
Zie ook deze Sjabbatslezingen:
Ballingschap en terugkeer, Deuteronomium 29-30,
Bekering en terugkeer uit ballingschap, Deuteronomium 30,
Kies dan het leven, opdat u leeft, Deuteronomium 30,
Jozua, voorafschaduwing van Jezus, Deuteronomium 31,
Vergeet Gods geboden niet, Deuteronomium 31,
Het geloof is uit het gehoor, Deuteronomium 31.


Wees de eerste die reageert op "Sjabbatslezingen: Een verbond met heel het volk"